Een serie over vergeten Friese kunstenaressen

Op eerste kerstdag 1902 wordt Anneke van der Feer geboren in Sneek. Ze groeit op als de jongste dochter van gescheiden ouders. Ze zet zich tegen hen af en vertrekt naar Amsterdam om kunstenares te worden, dat is haar droom. Vanaf dan zal haar leven diverse wendingen nemen. Ze wordt overtuigd communiste en ontmoet filmmaker Joris Ivens (1898-1989) met wie ze bevriend raakt. Een filmposter die ze in 1931 maakt voor een korte film van Ivens wordt in 2001 door het toenmalige filmtijdschrift Skrien nog verkozen tot ‘beste Nederlandse filmposter aller tijden’, maar tóch is Anneke van der Feer in de vergetelheid geraakt. Hoe is dit gekomen? En wie was ze? Tijd voor een kennismaking met haar kunst, en haar verhaal.

Vanaf 1924 is Anneke van der Feer in Amsterdam te vinden waar ze niet kiest voor de Rijksacademie maar juist privéles neemt. Ze treedt in de voetsporen van haar leermeester Harmen Meurs en schildert in een sociaal-realistische stijl. Haar leermeester woont in hetzelfde grachtenpand als filmmaker Joris Ivens. De ontmoeting tussen de filmmaker en de kunstenares is het startsein van een intense vriendschap. Ze hebben politiek-ideologische overeenkomsten – beiden zijn overtuigd communist - en voelen een diepe verwantschap. 

De Onafhankelijken

Vanaf 1927 is Van der Feer lid van De Onafhankelijken en is ze betrokken bij de jaarlijkse tentoonstellingen in het Stedelijk Museum van Amsterdam. Op een inmiddels welbekende foto zien we Anneke van der Feer tezamen met Nola Hatterman werken aan de opbouw van de tentoonstelling van 1931. Hatterman staat op het trapje en van der Feer heeft het kunstwerk dat ze op willen hangen vast. En nee, het is geen sigaret in haar mond, maar een aftekenkrijtje.  

Nog datzelfde jaar maakt Anneke de poster voor de ‘Philips Radio Film’ van Joris Ivens en vertrekken ze samen naar Moskou. Soms zijn ze minnaars, maar van beide kanten zijn er ook altijd anderen in hun leven. Als de filmmaker vertrekt blijft Anneke achter in Moskou. Ze kan hier prima in haar levensonderhoud voorzien door te illustreren voor diverse linkse bladen die in Nederland worden uitgegeven. Daarnaast maakt ze sobere houtskooltekeningen waarin ze de werknemers van staalfabriek Sikkel en Hamer vastlegt voor de communistische krant De Tribune. 

‘Een echte Friezin, stug en gesloten’

Anneke van der Feer blijft haar hele leven de communistische ideeën trouw. Haar beeldende werk staat volledig in het teken van haar politieke overtuiging. Ze is communistisch en activistisch, gelooft in een betere wereld en zet zich daar actief voor in. 

Tijdens een vakantie in Westkapelle verblijft ze bij kunstenares Charley Toorop, haar zoon John Fernhout en zijn Hongaarse vriendin fotografe Eva Besnyö. Deze fotografe kwalificeert Van der Feer als ‘een echte Friezin, stug en gesloten’. Maar ze is ook ‘een sterke persoonlijkheid en politiek zeer bewust. Iemand met sterke meningen die daar naar handelde.’

Na deze vakantie keren Van der Feer en Ivens terug naar Moskou. Ze draagt bij aan het communistische tijdschrift Links Richten, werkt mee aan de expositie ‘Twee werelden’ over het communisme en het opkomende fascisme en wordt een officieel ‘Vsekomchoedozjnik’, een communistische kunstenaar. Anneke van der Feer staat ingeschreven bij de Moskouse Kunstenaarsbond. Haar hoofdthema is de werkende mens, daarnaast schildert ze ook portretten, stillevens en (stedelijke) landschappen. 

Kunst in vrijheid

Tijdens de Tweede Wereldoorlog is Anneke van der Feer in Nederland te vinden. Ze schrijft aan Ivens: ‘We hebben er veel goede mensen verloren’. Hiermee doelt ze op haar communistische en antifascistische vrienden die in het verzet zitten of worden opgepakt. Na de oorlog portretteert ze onder andere overlevenden van de concentratiekampen. Omdat ze tijdens de oorlog geweigerd heeft om zich aan te sluiten bij de Kultuurkamer, en dus niet mocht exposeren tijdens de oorlog, mag ze juist wél meedoen aan de tentoonstelling ‘Kunst in Vrijheid’ in het najaar van 1945 in het Rijksmuseum. Onder de deelnemende kunstenaars zijn ook Jeanne Bieruma Oosting, Lucie van Dam van Isselt en Charley Toorop. 

Het jaar daarna maakt Anneke van der Feer een omslag voor het tijdschrift Repoeblik Indonesië ter gelegenheid van het eenjarig jubileum van de Onafhankelijkheid van het land. Ook vertrekt ze naar Joegoslavië waar ze opnieuw Joris Ivens treft. Vervolgens werkt ze een korte periode in Frankrijk waar ze zonnige schilderijen maakt van pittoreske dorpjes. 

De laatste stap

Net als Lucie van Dam van Isselt zal Anneke van der Feer een ‘Veerse Joffer’ worden. Ze behoort daarmee tot een groep vrouwelijke kunstenaars die gedurende langere tijd in het Zeeuwse Veere wonen en werken. Anneke komt hier als één van de laatsten aan, pas aan het begin van de jaren vijftig. Ze woont en werkt hier met haar nieuwe liefde Herman Schutte. Aan toeristen verkoopt ze onder andere aquarellen van de vissersboten in de haven. 

Totaal onverwacht overlijdt Anneke van der Feer in 1956 aan een hartkwaal. Haar drukbezochte begrafenis haalt de krant, met een foto van de lange rij mensen die haar de laatste eer willen bewijzen. De communistische kunstenaar Chris Beekman zegt over haar: ‘Anneke geloofde onwankelbaar in de komst van een samenleving waarin kunst zou opbloeien en kunstenaars hun gerechte maatschappelijke plaats zouden krijgen. […] Leven en kunst waren voor haar een volstrekte eenheid’. 

Tekst: Janita Baron