Vroege starters geven pinkstermaandag zelf het startschot van Fietselfstedentocht
BOLSWARD - Vanwege hun prestaties worden Oeds Boersma, Sake Tolsma en Liesette Bruinsma in het zonnetje gezet. De drie schieten groep 1 weg en haasten zich dan, want ze starten in dezelfde groep. Tolsma voor de 60e en Boersma zelfs al voor de 65ste keer. Liesette Bruinsma maakt haar debuut. Ze fietst om aandacht te vragen voor het het werk van het Foppe Fonds en ze fiets onder anderen samen met Syb van der Ploeg,

Oeds Boersma:
“Ik blijf rustig en fiets gewoon altijd mijn eigen gangetje”
Oeds Boersma staat voor de 65ste keer aan de start. De Fietselfstedentocht leverde de inwoner van Witmarsum veel vriendschappen op. Zoals die met Geertje Rypkema met wie hij in Dokkum aan de praat raakte. Dat klikte zo leuk dat hij ’s middags al bij het gezin, waar iedereen de tocht fietst, aanschoof voor een bord macaroni. En dat is intussen vast prik.
Wat hij ook nooit meer vergeet is zijn eerste keer. “Dat was met Lolke Otte, hij vroeg mij mee. Ik was 15 jaar en woonde toen nog in Abbegasterketting. Lolke heeft hem 50 keer gefietst en 25 keer gewandeld. Ik had geen racefiets. Ik reed hem op een oude fiets. Een hele oude fiets. Maar ik kon wel fietsen natuurlijk. Ik fietste naar school in Sneek.” Het aardige is dat nu hun beider partners zijn overleden, hij een relatie heeft met de weduwe van zijn vriend. Over vriendschappen gesproken.
Peanuts
De 81-jarige kilometervreter ‘doet’ nog zo’n 10.000 tot 15.000 km per jaar. “Ik vind het nog steeds mooi. Het liefst fiets ik alleen, voor mezelf.” Een liefhebber in hart en nieren. Leuk om te noemen is dat hij medeoprichter was van de fietsclub RTC Rally in Sneek. “In het verleden heb ik al die monsterritten wel gefietst. Tien keer Amsterdam - Maastricht, Brussel - Parijs - Brussel. In die tijd was de Fietselftedentocht voor mij peanuts. Dat was mijn trainingsrit. Maar ja, inmiddels ben ik 81, dan was het wel even wat anders. Maar ik blijf rustig en ik fiets gewoon altijd mijn eigen gangetje. Ben meestal om een uur of zes, half zeven weer binnen. Dan heb ik lekker genoten, de hele dag.”
Rustig blijven
Zijn belangrijkste tip is duidelijk: “Rustig blijven. Niet te snel beginnen.” Hij ziet het elk jaar gebeuren. “Ze vliegen weg bij de start, maar die kom je later wel weer tegen.” Zelf doet hij het kalm aan. “Ik fiets van plaats naar plaats en geniet onderweg. Je hebt de hele dag. Daar moet je gebruik van maken.”
Sake Tolsma:
“Je wordt gedragen door het enthousiasme”
Voor Sake Tolsma (74) uit St. Nyk is de Fietselfstedentocht allang geen gewone toertocht meer. Dit jaar stapt hij voor de zestigste keer op de fiets. “De ene keer is wat zwaarder dan de andere, de ene keer leuker”, zegt hij nuchter. Toch blijft de aantrekkingskracht groot. “Als het mooi weer is en er staan zoveel mensen langs de kant, daar geniet ik echt van. Je wordt gedragen door het enthousiasme. In elk dorp voelt het thuiskomen.”
Tegelijk weet Tolsma als geen ander dat de tocht geen vanzelfsprekendheid is. “Ik heb ook wel de hele dag in de regen gefietst”, zegt hij. “Dan wordt het zwaarder en wordt de aardigheid minder.” Zijn advies aan nieuwkomers is dan ook helder: “Train van tevoren minstens duizend kilometer.” Zonder voorbereiding wordt het afzien, waarschuwt hij. “De laatste honderd kilometer is anders echt een lijdensweg. Dat zie ik om me heen.” Zelf zorgt hij ervoor dat hij ruim op tijd in vorm is. “Voor Pinksteren heb ik altijd zo’n vijftienhonderd kilometer in de benen.”
Veiligheid voor alles
Hoewel hij ouder wordt, blijft Tolsma fanatiek. “Die snelle jongens kan ik niet meer bijhouden”, geeft hij toe. Daarom zoekt hij tegenwoordig groepen “die dezelfde snelheid fietsen”. Onderweg praten doet hij nauwelijks. “Ik heb genoeg aan mijn eigen concentratie”, zegt hij. “Veiligheid gaat voor alles.” Zolang het lukt, blijft hij doorgaan: “Ik stap gewoon weer op.”
Liesette Bruinsma:
“Het wordt vooral wennen aan een andere manier van inspanning”
Dat ze is gevraagd om groep 1 weg te schieten, ziet de 25-jarige Liesette Bruinsma uit Heerenveen als een grote eer. “Het is bijzonder dat ze mij daarvoor vragen. Je staat toch voor een grote groep deelnemers en mag het startsein geven, dat maakt het extra speciaal.” Zelf start ze later ook in de tocht, maar eerst vervult ze deze ceremoniële rol. De paralympisch zwemster, die een visuele handicap heeft, is ook een van de deelnemers. Samen met Ulbe Geert de Boer vormt ze een duo op de tandem. Voor Bruinsma wordt het haar eerste deelname aan de tocht.
De voorbereiding verliep anders dan bij veel andere deelnemers. Bruinsma traint normaal gesproken in het zwembad en heeft pas recent serieuzer op de fiets gezeten. “Ik heb nog lang geen 1500 kilometer in de benen”, vertelt ze nuchter. “Maar mijn conditie is goed. Het wordt vooral wennen aan een andere manier van inspanning.”
Foppe Fonds
Naast haar sportieve ambities is Bruinsma actief als ambassadeur van het Foppe Fonds. Deze organisatie zet zich in voor kinderen en jongeren met een beperking die niet vanzelfsprekend toegang hebben tot sport. “Sporten is niet voor iedereen vanzelfsprekend”, legt ze uit. “Het fonds helpt juist die groep om wél mee te kunnen doen. Mensen zeggen vaak dat iedereen een kans verdient”, zegt ze. “Maar het Foppe Fonds zorgt ervoor dat die kans er ook echt komt. Dat maakt het werk zo waardevol.”






