Algemeen

Het overvolle leven van Wilma Rodenburg

De twee dagen in de week werken bij dagcentrum De Stipe in Bolsward vormen de basis. Maar dat is lang niet het enige dat Wilma Rodenburg (58) uit Parrega doet. Het aanhoren van de opsomming in haar bomvolle leven is al veel, voor het uitvoeren ervan zouden de meesten van ons willen dat een dag 48 uur heeft. De goedlachse Wilma doet het met plezier. “Ik vind veel dingen leuk, maar heb wel geleerd wat langer na te denken als ik voor iets gevraagd word.”

Afbeelding

Het is al snel duidelijk: zoals ze praat, zo leeft ze ook haar leven. Nauwelijks pauzes, gang is alles, rust roest. “Ik doe elk jaar een cursus. Op een gegeven moment zag ik een massagecursus voorbij komen, die heb ik gedaan. Mijn man Tamme is bijna twee meter, die had vaak last van zijn rug en had ik hier vaak op de eetkamertafel liggen. Ik heb dat eerst in een salon van een kennis gedaan en heb sinds vijf jaar mijn eigen salon aan huis. Vooral ontspanningsmassage, maar ook een cursus hotstone gedaan, stoelmassage, gezichtsmassage, de ene na de andere. Hartsikke leuk om te doen. En vrijheid. Ben je aan het stofzuigen en er komt iemand…? Even andere kleren aan en aan de gang.”

Legpuzzels

Fotografie heeft altijd haar interesse gehad en dus volgden er cursussen in die richting, maar ook schminken; ze volgde verschillende werk gerelateerde cursussen; ze doet aan aqua-joggen; heeft met haar man een motorboot waar ze veel mee weg gaan; ze verleende de nodige hand- en span diensten toen haar twee zoons nog op de basisschool zaten; ze zit al 27 jaar in de redactie van de plaatselijke dorpskrant; heeft zeventien jaar lang de buurtbarbecue mee georganiseerd; en als, als ze tijd over heeft, puzzelt ze graag. Legpuzzels wel te verstaan, van Jan van Haasteren.

Pepernoten en de zwartepietenclub

Wilma vertelt over de hand- en spandiensten op de school van haar kinderen. “Zo’n klein schooltje en dan kochten ze pepernoten, daar heb ik me over verbaasd. Dus met Sinterklaas had ik de magnetron op mijn nek en gingen we pepernoten bakken. Thuis had ik al ballen gemaakt en dan met groepjes van vier met allemaal een koksmuts op, pepernoten vormen. Die bakte ik dan en dan rook de hele school naar pepernoten. Dat was zó  leuk om te doen.

Door de cursus schminken heb ik in Sneek vijftien jaar de zwartepietenclub geschminkt, intocht en looptocht. En nu nog schmink ik voor de toneelclub in Hieslum. Maar ondertussen hebben ze Tamme zo gek gekregen dat hij in Hieslum Sinterklaas is. Rond die tijd is het hier in de woonkamer één en al zwartepietenpakken. We hebben ondertussen zelf pakken gekocht, die hangen op zolder. In Hieslum draaien ze een cd met Sinterklaasliedjes. Dat vind ik niks. Dus hop de gitaar mee. Ik schmink ze eerst en ga daarna gitaar spelen. Maar dan heb ik ook een fototoestel om mijn nek want ik wil ook foto’s maken voor in de dorpskrant, natuurlijk.” Pff, we zeiden het al, best veel. Bent u daar nog, lezers? “Tamme is tegenwoordig ook Sinterklaas op school, dus daar schmink ik ook”, gaat Wilma verder. “Dat is dit jaar op dinsdag, dan werk ik ook altijd. Maar het begint om zeven uur, dat kan net, want ik moet om negen uur beginnen.”

Languit in het bos

“Met nog twee dames hebben we een fotografiegroepje. Zo nu en dan bellen we elkaar op en gaan we een dag foto’s maken op het strand bij Harlingen, of liggen we languit in het bos om paddenstoelen te fotograferen of rijden we over de Afsluitdijk om daar ijsschotsen te fotograferen die daar dan niet zijn, maar in Stavoren blijken te liggen.”

En met hetzelfde gemak pakt ze de kwast ter hand om de motorboot van de familie van nieuwe anti-fouling te voorzien. “Er is altijd wel iets te doen”, zegt Wilma met gevoel voor understatement.

Regelmaat in het dagprogramma

“Op De Stipe sta ik op een arbeidsmatige groep waar we voor bedrijven als Gamma, Karwei en Bol.com inpakwerkzaamheden doen, waar we met elkaar zorgen voor het eindproduct. Bij het werken voor Gamma moet je denken aan pluggen en schroeven die in plastic blisters zitten. Pluggen worden uitgeteld en in bakjes gedaan; er worden stickers op gedaan; ze komen in een grote doos en belanden uiteindelijk op een pallet. Iedere cliënt heeft hierin zijn eigen taakje. Veel cliënten kunnen niet lezen, kunnen niet schrijven, kunnen niet tellen en toch doen we dat. Als je twintig pluggen in een zakje moet doen en je kan niet tellen heb je een probleem. Voor deze mensen hebben we een houten blok met twintig gaten er in. In elk gat een plug stoppen en ze in een blister doen als alle gaten gevuld zijn, lukt wel. En dan gaat het naar de volgende. En weer een ander kan er goed recht een sticker op plakken. Er zijn er een paar met moeilijk verstaanbaar gedrag. Mensen met autisme bijvoorbeeld. Voor die groep is het belangrijk dat ze regelmaat hebben in hun dagprogramma. 

Je moet je altijd aanpassen aan dat moeilijk verstaanbaar gedrag.  En je kijkt vooral vooruit. Met Sinterklaas, of een verjaardag, gaan we naar de grote zaal waar we met vijftig mensen koffie drinken en kunnen we beter op de groep blijven. En dat is nou juist het mooie aan mijn vak.”

Snoezelen

Een roeping, dat is het. Ze doet het al 37 jaar en wil nooit meer wat anders. Bij De Stipe heeft ze alle groepen gehad: keukengroepen, hoog en laag niveau, snoezelgroepen. Dat laatste - een combinatie van snuffelen en doezelen - bestaat niet meer vanwege de bezuinigingen in de zorg. “Bij snoezelen maak je voor de ontspanning bijvoorbeeld gebruik van een waterbed, vloeistofprojecties op de muur, bellenblaasmachines en een leuk muziekje met kabbelende beekjes. Of misschien wel kinderliedjes waardoor ze mee gaan zingen. Als je interactie ziet bij de cliënten als ik gitaar speel, geweldig. Vaak hadden we een thema. Rond kerst versierden we de boel. Maar we hebben ook wel afvalcontainers uit de buurt gehaald, die in een kring gezet en daar muziek mee gemaakt. Of alles oranje met Koninginnedag.

Maar daar is geen geld meer voor, er moeten keuzes gemaakt worden voor het te besteden geld. Vroeger hadden we twee begeleiders op acht cliënten, dat is er nu eentje op acht á negen. Ouders kiezen voor zorgboerderijen, winkeltjes en restaurants als hun kind ook daar de dagbesteding kan doen. De doelgroep wordt anders. Het is wat zwart/wit, maar wat overblijft zijn de mensen die meer verzorging nodig hebben. Dat is de hele dynamiek van het dagcentrum. Door het niveau en de hectiek kan ik nauwelijks uit de groep. Even naar het toilet of de etenskar pakken, maar dan houdt het op. Maar het blijft prachtig om te doen, anders zat ik daar ook geen 37 jaar.”

Emotioneel

“Hele kleine dingetjes, een knuffel, een lach”, antwoordt ze zichtbaar geëmotioneerd op de vraag waar ze de voldoening uit haalt. “Zo diep zit het. In de groep is een cliënt bij wie vroeger door de ouders veel liedjes van Boudewijn de Groot werden gedraaid. Op De Stipe pak ik dan mijn gitaar en speel ik liedjes van Boudewijn de Groot voor hem. Hij is autistisch en praat weinig. Die reactie van hem, die grote ogen, die lach. Dat zijn van die kleine dingen, kleine momenten waar ik zo enorm van kan genieten. Als je vraagt: waar doe je het voor? Nou, dáárvoor. Ik word daar altijd emotioneel van. Mensen vragen me weleens waarom ik geen vijf dagen in de week massages geef. Nou heel simpel, ik kan mijn cliënten niet missen.” Dan, relativerend: “Andersom is dat niet zo, hoor. Na twee dagen gaat hun leventje gewoon verder.”

Met een glimlach naar huis 

Aan de computer heeft ze een broertje dood. “Daar moet je zoveel in zetten, daar word je gek van. Rapporteren, daar vind ik niks aan. Maar dat hoor je overal in de zorg. Er is niets leuker dan hem uit te zetten en mijn gitaar te pakken. Ik speel alles, van AC/DC tot ‘van voor naar achter, van links naar rechts. Dan duurt het maar even en komen er allemaal cliënten binnen. Dan hebben we feest en rijd ik aan het einde van mijn werkdag met een glimlach naar huis.”

Foto: Jelly Mellema Fotografie

Tekst: Richard de Jonge